Van uitzwaaien naar loslaten: Daan Russchen fietste zichzelf terug naar vrijheid

Van uitzwaaien naar loslaten: Daan Russchen fietste zichzelf terug naar vrijheid

In ’t kort


Daan Russchen fietste na twee jaar kankerbehandelingen van Dubrovnik naar Zutphen. In de Fietsvakantiepodcast vertelt hij hoe die tocht hem hielp om zijn vrijheid en regie terug te pakken. Een indringend verhaal over fietsen, herstel, de Balkan en het besef dat alles stroomt.

Intro / inleiding

Soms begint een fietstocht niet bij een kaart, een routeboekje of een lang gekoesterde droom. Soms begint hij in een wachtkamer.

Bij Daan Russchen was dat zo. Na twee jaar van intensieve behandelingen voor uitgezaaide nierkanker stapte hij op de fiets voor een tocht van ongeveer 3.500 kilometer, van Dubrovnik naar Zutphen. Geen lichtzinnig vakantieplan, maar een tocht met gewicht. Een tocht vol bergen, herinneringen, pijn, vrijheid en nieuwe lucht. In de Fietsvakantiepodcast vertelde Daan er openhartig over. Over ziek zijn, over alleen fietsen, over de Balkan en over het moment waarop de spanning eindelijk van hem afviel.

Waar het allemaal begon

Dat moment lag nog vóór de eerste echte klim. Bij het Antoni van Leeuwenhoek, waar hij twee jaar lang behandeld was, vroeg hij zijn artsen om hem uit te zwaaien. Vrienden, familie en collega’s kwamen mee. Zijn moeder fietste het eerste stukje naast hem. Dat vertrek was emotioneel, maar ook bevrijdend. Alles waar hij zo lang naartoe had geleefd, kwam daar samen. En op dat moment viel er iets van hem af.

Wat Daan zocht, was niet alleen avontuur. Hij wilde zijn vrijheid terug. Tijdens zijn behandelingen moest hij elke drie weken naar het ziekenhuis. Dat ritme bepaalde zijn leven. Toen dat stopte, wilde hij weg. Letterlijk weg. Uit de medische mallemolen, uit de controle, uit het gevoel geleefd te worden. Het idee om dat op de fiets te doen, kwam pas later. In een wachtkamer zag hij toevallig een fietstest in een tijdschrift. Dat bleek genoeg om iets in beweging te zetten.

Van uitzwaaien naar loslaten: Daan Russchen fietste zichzelf terug naar vrijheid: Man met zonnebril poseert voor een Zutphen naambord onder een bewolkte lucht.

Aanvankelijk wilde hij naar Griekenland fietsen, naar Marathon. Maar een collega dacht praktisch mee: draai de route om, dan fiets je met het goede weer mee. Zo ontstond een tocht door de Balkan, een gebied dat hij nog niet kende en waar hij nieuwsgierig naar was. Juist dat onbekende trok hem aan.

De drang om weer weg te kunnen

Opvallend genoeg noemt Daan zichzelf geen doorgewinterde fietser. In het dagelijks leven loopt hij veel of pakt hij de auto. Maar ergens zat het fietsen al langer in zijn lijf. Als kind ging hij met zijn vader op fietsvakantie naar Engeland en Frankrijk. Destijds vond hij dat, op de nieuwe fiets na, vooral zwaar en niet altijd even leuk. Toch kwamen die herinneringen onderweg voortdurend terug.

De tocht was niet bedoeld als sportieve stunt. Daan zocht reflectie. Een afsluiting ook, van twee intense jaren. Hij wilde begrijpen wat hem was overkomen. Misschien ook laten zien, aan zichzelf en aan anderen, dat hij er nog was. Dat hij nog lang niet afgeschreven was. En tegelijk wilde hij gewoon een leuke tijd hebben. Weg uit de sfeer van ziekte. Op naar iets dat weer van hemzelf was.

Met zijn vader in het achterhoofd

Onderweg merkte Daan hoe sterk oude herinneringen mee konden fietsen. Bijvoorbeeld wanneer hij langer moest doorfietsen dan gepland, op zoek naar een betere slaapplek. Precies zoals zijn vader dat vroeger deed. Veertig jaar later betrapte hij zichzelf erop dat hij hetzelfde deed. Dat zijn mooie momenten op reis: als je ineens merkt dat er meer met je meerijdt dan alleen je bagage.

Juist dat maakt zo’n tocht ook rijker. Je fietst niet alleen door landen en landschappen, maar ook door je eigen verleden. Soms zit dat in een gedachte, soms in een gebaar, soms in een beslissing die ineens heel vertrouwd voelt.

Daan Russchen over fietsen na kanker. Een man maakt een selfie met een fiets op een bergweg, omringd door sneeuw en rotsen.

Bergen die alles scherp zetten

Voorbereid, maar niet echt voorbereid

Fysiek had hij zich nog enigszins voorbereid. Zijn grootste zorg was niet eens een col, maar zadelpijn. Dus liet hij zijn zadel goed inmeten en probeerde hij in de maanden voor vertrek veel uren op de fiets te maken. Mentaal was hij minder voorbereid. Eigenlijk, zei hij, was hij nogal naïef. Hij dacht dat de Alpen het zwaarste deel zouden worden. Die illusie was op dag één al verdwenen.

De Balkan als serieuze test

Montenegro en Albanië bleken veel zwaarder dan gedacht. De Balkan liet zich niet wegzetten als een aardige aanlooproute. Het was serieus werk.

Onderweg stelde hij zichzelf dan ook geregeld de vraag: wat heb ik mezelf eigenlijk te bewijzen? Dat is een eerlijke vraag. Misschien wel een vraag die veel fietsers herkennen, zeker op die momenten waarop het zweet in je ogen loopt, de weg weer omhoog krult en de winkel waar je op hoopte allang dicht blijkt. Maar precies daar zat ook de beloning. Want een berg overwinnen geeft iets terug. Trots. Opluchting. Het gevoel dat je meer kunt dan je dacht.

Landschappen die binnenkomen

De landen waar hij doorheen fietste, maakten diepe indruk. Bosnië bijvoorbeeld, waar de sporen van de oorlog nog zichtbaar zijn. Lege dorpen, stille straten, plekken waar het verleden niet ver weg is maar gewoon nog in het landschap hangt. In Srebrenica rondlopen als Nederlander gaf een extra lading. Dat zijn geen kilometers die je alleen in de benen voelt, maar ook in je hoofd.

En dan waren er de honden. Daan is bang voor honden, dus hij had pepperspray meegenomen uit Duitsland. In de Balkan, vertelde hij, zijn dieren vaak niet gewend aan fietsers en reageren ze fel. Zijn beste strategie bleek verrassend eenvoudig: afstappen, rust bewaren en de fiets tussen zichzelf en de hond houden. Dat soort lessen leer je niet uit een routegids. Die krijg je onderweg aangereikt, soms blaffend.

Van uitzwaaien naar loslaten: Daan Russchen fietste zichzelf terug naar vrijheid: Zelfportret van een man bij een bord dat de grens van Slovenië aangeeft, met de tekst 'Republika Slovenija' en het EU-logo.

Opeens weer echt fietsen

Slovenië was voor hem een kantelpunt van een andere orde. Zodra hij de grens overkwam, voelde hij verschil. Fietspaden. Elektrische auto’s. Een andere infrastructuur. Meer welvaart. Maar ook: voor het eerst het gevoel dat mensen begrepen wat hij aan het doen was. In Montenegro vonden ze hem vooral een beetje gek. In Slovenië kwam er belangstelling. Daar kon hij ook weer echt fietsen, zei hij, in plaats van alleen maar ploeteren. Soms is dat ook wat een route met je doet: ineens verandert niet alleen het landschap, maar ook je verhouding ermee.

De stilte van alleen op pad

Negen weken was Daan alleen onderweg. Voor sommigen klinkt dat als een beproeving, voor hem was het juist een vanzelfsprekende vorm. Hij woont alleen en kan goed met zichzelf zijn. Op de fiets mijmerde hij veel. Dacht na. Schreef al in zijn hoofd aan zijn boek. Juist dat alleen zijn hielp hem om iets terug te vinden wat hij in de ziekteperiode was kwijtgeraakt: regie.

Als patiënt word je vaak geleefd. Afspraken, schema’s, scans, behandelingen. Op de fiets bepaal je zelf waar je stopt, waar je eet, hoe laat je vertrekt en of je nog een berg meepakt of niet. Dat is geen detail. Dat is vrijheid in haar meest tastbare vorm.

Een van zijn mooiste herinneringen was opvallend klein. De grens van duizend kilometer passeren. Alleen. Met een sinaasappel op een bankje. Geen applaus, geen finishboog, geen groot gebaar. Alleen dat stille besef: ik ben hier, ik ben onderweg, en ik doe dit. Zulke momenten passen misschien wel het best bij fietsen. Ze zijn klein van buiten, groot van binnen.

Leren leven met wat er is

Ook de titel van zijn boek, Panta Rhei – Alles stroomt, past daar naadloos bij. Alles verandert voortdurend, of je dat nu wilt of niet. Het weer, het landschap, je lichaam, je leven. Je kunt je verzetten tegen regen of ziekte, maar je kunt ook proberen je ertoe te verhouden. Niet uit berusting, maar uit realisme. Wat is er? En wat kan ik daar nu mee? In die gedachte zit iets kalms. Iets wat op de fiets vaak vanzelf duidelijk wordt.

Aan het eind van het gesprek gaf Daan nog één advies mee aan mensen die slecht nieuws hebben gekregen. Zoek de beste dokter die er is. Wacht niet af. Neem het serieus. In Nederland is er verschil in zorg, zei hij, en de nieuwste behandelingen zitten vaak in academische centra. Ook als je weinig energie hebt, is het belangrijk om die stap te zetten. Het was een praktisch advies, zonder omwegen. Juist daarom kwam het binnen.

Wat me bijblijft uit dit gesprek, is niet alleen de zwaarte van zijn verhaal, maar ook de helderheid ervan. Daan fietste niet weg van zijn leven, maar er juist weer naartoe. Naar vrijheid. Naar eigen regie. Naar een lichaam dat niet alleen patiënt hoefde te zijn, maar ook weer gewoon drager van een reis kon worden.

En misschien is dat wel waarom dat uitzwaaimoment bij het Antoni van Leeuwenhoek zo sterk aan het begin van zijn verhaal staat. Omdat daar alles samenkwam: zorg, spanning, verdriet, dankbaarheid en het besef dat er weer iets openlag. Geen gemakkelijke weg, maar wel een eigen weg. En soms is dat genoeg om te beginnen.

Luister naar de aflevering met Daan

Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?

Geef een reactie

Ontdek meer van FietsKriebels

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder

Nieuwe fietsverhalen niet missen?

Verder naar FietsKriebels

×