
Vandaag, maar ook gisteren, kwam ik veel vakantie fietsers tegen. Ik schat zo’n 50 op een dag. Ze rijden allemaal naar het zuiden. Vooral in het voor- en najaar kun je hier de Mistral verwachten. Die blaast je dan zo de Middellandse Zee in. Het woei een beetje vandaag.
Het traject is meest recht toe, recht aan. Afgewisseld met de nodige bruggen en wat kleine dorpen. Het is zeker niet slecht.
Had ik mooi de tijd om na te denken over waarom ik en al die fietsers op deze wijze vakantie houden. Of beter, waarom ze dit doen.
Ik weet dat velen regio’s of een land willen ontmoeten. De fiets is dan handig. Je komt overal. Ze bezoeken kathedralen en musea. Anderen, waaronder ik, – ff kort door de bocht- fietsen om het fietsen.
Ik dacht daar langs de Rhône over na. Ik denk dat het een weerslag is op het werk dat ik deed. Ik heb bijna 35 jaar lang in een gebouw gewerkt, stropdas om, zittend werk, procedures en processen. Het was een mooie tijd, maar leefde er ook naar toe om vrij te zijn.
Is mijn fietsinvulling wellicht het omgekeerde van al die werkjaren? Ik fiets om bewegend Europa te zien. Om te stoppen waar ik wil, om de route te gaan die past bij het ontdekken. Om te eten voor een tentje van 1,7 kilo. Geheel contra.
Zo heeft ieder zijn of haar motivatie.
Er zijn leuke en minder leuke stadjes op de route. Als ze groter zijn, zijn ze vaak vergeven van het drukke verkeer. Een grote stad, zoals Valence moet me dan wel raken om er wat rond te dolen.

Valence is de hoofstad van de Drôme. Gesticht door de Romeinen als Valentia. Het karakter is middeleeuws. Ik bleef er niet lang. Tournon is veel mooier. Maar smaken verschillen.
In Sarras kon ik kiezen, de volgende camping is in Saint Rambert D’Albon, 15 km verder op. Dan zou ik, een uurtje fietsen na 4 uur daar zijn. Ik had ruim 5 en een half uur gefietst in 30 graden. En dat is wel genoeg.
Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie