
Dag 20 – De Groene As en de Gulle Gast.
Ik had het kunnen weten. Acht euro voor ontbijt op de camping? Nee, dank je. Ik vertrek vroeg, nog voor de ontbijtservice begint, en kook mijn eigen havermout. Koffie erbij. Klaar voor een dag vol klimwerk en avontuur.
Vandaag was weer zo’n dag met een kop en een staart. Begonnen met een klim, geëindigd met een nog zwaardere. Maar daartussen lag een juweel van een fietstraject: de voie verte ‘Groene As van de Avesnois’. Wat een naam. En wat een route. Breed, stil, uitnodigend. Alsof iemand speciaal voor fietsers een groen lint door het landschap heeft uitgerold.

Langs de Sambre rol ik België binnen. Nieuw land, andere sfeer. De camping die ik thuis selecteerde lijkt onderweg op Google verdwenen. Op de kaart niets te vinden. Street View toont slechts een rommelige verzameling stacaravans. Toch maar gaan kijken.
Een bordje ‘Camping’ bij een afslag geeft hoop. Ik zie bewoners. Eén zegt: “Oui, c’est une camping.” Maar waar is de office? “Il n’y en a pas.”
Dan maar naar de eerste woning. Hond op de oprit. Niemand. Ik fiets om en tref de beheerder. Hij spreekt Engels en stelt me gerust: “Je kunt blijven slapen. Gratis.” Een sleutel, een kraan die open wordt gedraaid, en voilà — mijn onderkomen voor vanavond.
Het ruikt muf. Douche koud. Spinnenwebben genoeg. Maar weet je, ik ben al twintig dagen onderweg. Mijn matje heb ik, mijn slaapzak ook. En mijn pelgrimsinstelling is er nog steeds. Een fietspelgrim hoeft niet veel. Alleen een plek. En soms een beetje vertrouwen.
Vandaag kreeg ik beide.


Relive
Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie