
Dag 8 — Tussen gesprekken, vakwerk en bogen
Wanneer ik gisterenavond eindelijk denk dat ik de camping voor mezelf heb, verschijnt Uwe toch weer voor mijn neus. De enige andere gast op deze kanocamping was naar een wijnfestival in de stad geweest. “Te veel mensen,” zegt hij direct. “Niets voor mij.” Vervolgens pakt hij een bier en schuift alsnog bij mij aan tafel.
Eigenlijk vind ik het best gezellig.
Want naast het fietsen bestaat een fietsreis ook uit van alles daaromheen. Tent opzetten. Douchen. Koken. Foto’s overzetten naar de telefoon. Een blog schrijven. Een dagelijkse Relive-video maken. Ondertussen is er geen wifi en kruipt het internet hier tergend langzaam vooruit. Soms voelt het alsof je onderweg twee reizen maakt: één op de fiets en één digitaal daarachteraan.
Met Uwe praat ik over zijn werkzame leven. Zesenveertig jaar heeft hij gewerkt, veel in het buitenland geweest ook. “Dan zie je pas hoe rijk wij het hier hebben,” zegt hij. Maar daarna volgt meteen de Duitse versie van gemopper. Benzineprijzen. Belastingen. Politiek. De AfD. Volgens hem heeft Duitsland een probleem. Maar, zegt hij erbij: “De AfD lost het ook niet op.”
Vervolgens praten we ineens over slaapapneu-maskers, snurkende vrouwen en ouder worden. Zo gaan dat soort campinggesprekken. Eerst de staat van het land, vijf minuten later gaat het over slapen met een masker op.
Ondertussen begint het langzaam te schemeren. Dat is voor mij minder handig, want mijn tent is nog niet helemaal op orde. Zodra het donker wordt zie ik binnen werkelijk geen hand meer voor ogen. Uwe wil morgenochtend samen ontbijten. De supermarkt verderop gaat om acht uur open, vertelt hij enthousiast.
“Nee hoor,” zeg ik. “Ik ontbijt onderweg wel. Ik ben op fietsreis.”
Om kwart voor zeven sta ik op. Tegen achten rijd ik richting supermarkt. Uwe ligt nog diep te slapen.
De Fulda-Radweg brengt mij vandaag richting de oude barokstad Fulda. Het is een prachtige route met bosdalen, hoogteverschillen en regelmatig van die typisch Duitse vakwerkstadjes waar alles er net iets te netjes uitziet. In Fulda lunch ik op een bankje in het centrum. Om me heen terrassen, bierglazen, wijn, pasta’s en volle borden. Mooi hoor, maar ook een beetje voorspelbaar inmiddels. Duitsland serveert zichzelf onderweg soms in herkenbare herhalingen.
Daarna gaat de route verder omhoog, richting de hoogste berg van Hessen: de Wasserkuppe in de Rhön. Maar zover hoef ik vandaag niet meer. Camping Birkenhain ligt eerder op de route. Als ik daar rond drie uur aankom, blijkt de camping bijna vol te staan.
“Allemaal last minute aangemeld,” zegt de receptioniste.
“Net als ik,” antwoord ik.
Ik krijg een plek achter een grote gemeenschappelijke tafel midden op de camping. “Daar ontmoeten de gasten elkaar,” zegt ze.
“Alles für die Gäste,” grap ik.
“Alles für die Katze,” antwoordt zij lachend. Blijkbaar is dát de uitdrukking.
Onderweg zie ik vandaag opnieuw meerdere bogen. Brugbogen, doorgangen, vormen in het landschap. Ze passen wonderlijk goed binnen De Grote Zuidwaartse Boog. Alsof de reis zichzelf onderweg steeds blijft bevestigen.
Ik neem vandaag veel pauzes. Misschien ook omdat een groot chocoladebroodje van een echte Duitse bakker onderweg verkeerd valt. Te veel chocolade. Te veel van het goede. Zelfs op fietsreis blijkt er een grens te bestaan aan Duitse degelijkheid.
Na 88 kilometer en 855 hoogtemeters sluit ik de dag af op een volle camping in Kalbach. Rondom mij stemmen, campers, tenten en klapperende pannetjes. Maar ergens tussen al die mensen blijft het gevoel van onderweg hetzelfde:
morgen weer verder naar het zuiden.

Relive
Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie