
Dag 5 – Tien beklimmingen en nul afdalingen
De dag begon met een tik. Niet in mijn humeur, maar ergens diep in het achterwiel. Een irritant geluid dat al een tijdje meeliep door Duitsland. Op advies van mijn broer reed ik daarom vanochtend direct vanaf de tipi naar een fietsenzaak beneden aan de Ruhr: Green Bikes.
Ze gingen officieel pas om tien uur open, maar om half tien mocht ik al naar binnen. Koffie erbij. Monteurs die langzaam aan hun werkdag begonnen. Het soort plek waar je meteen voelt: dit komt goed.

Omdat mijn achterwiel opnieuw is gespaakt — met inmiddels een heuse NeoDrive erin — moesten de spaken na zoveel kilometers opnieuw worden gespannen. Dat was dus de oorzaak van die voortdurende tik: spaken die langs elkaar schuurden. Een kleine ingreep, maar een wereld van verschil. De fiets liep daarna weer stil. Geen geratel meer. Alleen nog banden op nat asfalt.
Dat asfalt was vandaag trouwens zelden vlak.

De route richting Winterberg was een aaneenschakeling van klimmen, omleidingen en wegwerkzaamheden. Op de RuhrtalRadweg werd overal gewerkt. Hekken. Afzettingen. Omleidingen die natuurlijk nooit naar beneden gingen, maar altijd nóg een stukje omhoog. En ondertussen regen. Veel regen.
Het regenpak moest vandaag vaker aan dan uit.
Hoe hoger ik kwam, hoe killer het werd. Druilerig. Guur soms. In Winterberg voelde het zelfs ronduit koud. De naam van het plaatsje bleek ineens verrassend letterlijk.
Onderweg zag ik regelmatig fietsers naar beneden komen vanaf de bron van de Ruhr. Fris, snel en ontspannen. Zelf zat ik nog volop in de klim. Tanden op elkaar. Rustig doorgaan. Niet te veel nadenken. Gewoon blijven trappen.
En toch gebeurde er onderweg ook iets anders.
Ik besloot namelijk dat mijn gele tas niet verder meegaat. Te veel spullen. Te veel gewicht. Te veel ballast voor wat nog komt. Morgen gaat het vooral downhill Hessen in, maar ik voelde vandaag al: ik wil eenvoudiger onderweg zijn. Lichter fietsen. Minder meeslepen.
Misschien geldt dat niet alleen voor bagage.
Aan het einde van de middag boekte ik een kamer bij Schöner Asten Resort Winterberg. Inclusief ontbijt. Inclusief sauna en zwembad zelfs — al ontdekte ik daar iets te laat dat ik natuurlijk geen zwembroek heb meegenomen. Ook dat hoort blijkbaar bij lichter reizen.
Maar belangrijker: de tik is weg. De fiets rijdt stil. En ergens merk ik dat ook mijn hoofd stiller wordt.
Na vier, vijf dagen begint het ritme van de reis zich langzaam vast te zetten. De fietsziel komt op temperatuur. Ondanks de regen. Ondanks het zware klimmen. Ondanks de kou.
Sterker nog: ik krijg er energie van.
En het mooiste nieuws? Het weerbericht ziet er steeds beter uit. Hogere temperaturen. Meer zon. Meer kampeeravonden onderweg. Alsof De Grote Zuidwaartse Boog nu pas echt begint open te vallen.
Morgen verder. Iets lichter. En hopelijk nog wat dieper in de fietsbeleving.
Relive
Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie