
Dag 32 – Ik habe die Zeit
We staan te wachten op een kudde koeien die de weg oversteekt. Naast mij staat een wielrenner. Het zweet gutst van zijn hoofd. Op het eerste gezicht zou je hem ergens tussen de zestig en zeventig schatten, maar als ik vraag hoe oud hij is, kijkt hij me lachend aan.
“88.”
Hij wijst naar zijn fiets. Een lichte carbon racer. Elektrisch ondersteund.
“Twaalfduizend Zwitserse frank,” zegt hij bijna verontschuldigend.
Dan haalt hij zijn schouders op.
“Ik habe die Zeit.”
De koeien hebben ook de tijd. Hij heeft de tijd. En vandaag leert de Jura mij hetzelfde.
Vanmorgen vertrek ik met een eenvoudig plan. De camping die ik thuis had uitgezocht ligt bij Vallorbe. Een mooie etappe. Zwaar maar niet te lang. Tenminste, dat dacht ik.
Maar al rond elf uur rijd ik Vallorbe binnen. Veel te vroeg om de dag al af te sluiten. Ik kijk naar de kaart. Sainte-Croix ligt verderop. Een stukje hoger. Nou ja, een stukje…
De Jura blijkt vandaag opnieuw een meester in understatement.
Op de kaart lijken het vriendelijke heuvels. Op de fiets blijken het serieuze beklimmingen. Klim na klim. Bocht na bocht. Zodra je denkt boven te zijn, verschijnt er weer een volgende helling aan de horizon.
Ik krijg steeds meer respect voor dit gebergte.
Veel mensen denken bij Zwitserland meteen aan de Alpen. Maar de Jura verdient minstens zoveel aandacht. Het landschap is anders. Rustiger misschien. Zachter van vorm. Maar vergis je niet. De hoogtemeters tellen net zo hard mee.
En ondertussen is het prachtig.
Donkere sparrenbossen wisselen af met open weides. Koeien grazen op glooiende hellingen. Oude boerderijen liggen verspreid over het landschap. De lucht lijkt hier groter dan beneden aan het Meer van Genève.
Het hoogtepunt van de dag is de Col des Etroits op 1185 meter hoogte. Vanaf daar ontvouwt de Jura zich in alle richtingen. Het voelt alsof ik op een balkon sta, uitkijkend over een wereld van groene ruggen, bossen en dalen.
Maar de dag is nog niet voorbij.
De camping ligt nóg hoger.
Langzaam klim ik verder naar de hoogvlakte boven Sainte-Croix. Uiteindelijk bereik ik de camping op ruim 1200 meter hoogte. De teller staat op 89 kilometer en 1952 hoogtemeters.
Een stevige dag.
Terwijl de avond afkoelt, zoek ik niet meteen mijn tent op. In het hoofdgebouw van de camping zit een complete keuken. Tafels, stoelen, kookgelegenheid, alles wat een vermoeide fietser nodig heeft. Waarschijnlijk bedoeld voor regenachtige dagen, maar vandaag voelt het als een onverwacht cadeautje.
Buiten zakt de temperatuur snel. Dat merk je op deze hoogte meteen.
Binnen maak ik mijn avondeten klaar en kijk terug op de dag.
Vanmorgen was er vooral de uitdaging van de Jura. Nu overheerst de bewondering.
Voor het landschap.
Voor die eindeloze heuvels.
Voor een 88-jarige wielrenner die nog altijd de bergen in fietst.
En voor een eenvoudige campingkeuken op 1200 meter hoogte die na bijna tweeduizend hoogtemeters aanvoelt als een vijfsterrenrestaurant.
Morgen gaat de route verder richting Fleurier en Basel komt weer een stuk dichterbij.
Maar voor nu geldt hetzelfde als voor die oude wielrenner.
Ik habe die Zeit.
Relive

Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie