
Dag 23 – Twee keer Terra Bio
Vanmorgen om acht uur reed ik al door Treviso. De stad was nog rustig. Winkeliers waren bezig hun deuren te openen, een enkele fietser reed door de smalle straten en langs het water hing een ontspannen sfeer. Zo’n stad waar je gemakkelijk een paar uur kunt blijven rondkijken. Maar de weg riep, want vandaag stond er een lange etappe op het programma.
Het werd uiteindelijk een dag van 122 kilometer. Een warme dag bovendien. Zo’n dag waarop je vroeg wilt vertrekken en het liefst zoveel mogelijk kilometers maakt voordat de zon echt kracht krijgt.
Tussen Treviso, Mestre en Padova ontvouwde zich een verrassend landschap. Dijken, tuinen, kanalen en indrukwekkende villa’s wisselden elkaar af. Geen moderne villawijken, maar statige buitenhuizen uit de zestiende en zeventiende eeuw. Grote gebouwen met lange oprijlanen, sierlijke hekken en eeuwenoude bomen. Fietsend door dit gebied proef je de rijkdom van vroeger. Het zijn plekken waar de tijd iets langzamer lijkt te gaan.
Mestre maakte minder indruk. Het is een drukke stad die vooral lijkt te functioneren voor de mensen die er wonen. Een plek waar je doorheen fietst zonder direct de behoefte te voelen om af te stappen.
Padova was van een heel andere orde. Een grote, levendige stad met allure. De imposante basiliek trok direct mijn aandacht en ook het grote park vol beelden maakte indruk. Eigenlijk had ik er graag wat langer rondgelopen. Maar na ruim honderd kilometer in de benen voelde ik dat mijn energievoorraad langzaam richting reserve begon te gaan. Soms moet je als fietser accepteren dat een stad meer tijd verdient dan je haar kunt geven.
Onderweg waren het niet alleen de steden die de dag kleur gaven. Water speelde opnieuw de hoofdrol. Rivieren, kanalen en vaarten begeleiden de route bijna onafgebroken. Je merkt dat Venetië dichterbij komt. Het landschap verandert subtiel. Het water wordt nadrukkelijker aanwezig. Op een kanaal zag ik zelfs een gondel varen. Niet helemaal het romantische plaatje uit de reisgidsen, maar toch. Ineens voelt Venetië niet meer ver weg.
Bij een pauze raak ik aan de praat met een Nederlands stel. Zij zijn juist uit Venetië vertrokken. Met de fietsbus naar Italië gekomen en nu onderweg over de Via Augusta. Hun grootste klacht: de route is nauwelijks bewegwijzerd. Regelmatig moeten ze zoeken. Terwijl we praten realiseer ik me opnieuw hoeveel waardering ik heb gekregen voor routes die wel goed zijn aangegeven. Pas als de bordjes ontbreken, merk je hoe prettig het is als iemand het denkwerk onderweg al voor je heeft gedaan.
De laatste kilometers voelen lang. De warmte doet haar werk en 122 kilometer is uiteindelijk gewoon 122 kilometer. Wanneer ik eindelijk de camping bereik, ben ik er wel klaar mee voor vandaag.
En dan blijkt er nog een grappig toeval te zijn. Gisteren sliep ik op een plek die Terra Bio heette. Tussen de kiwi’s, de kippen en het water uit eigen bron. Vandaag eindig ik opnieuw op een Terra Bio. Dezelfde naam, maar een totaal andere wereld. Ook een agriturismo tussen de boomgaarden, met zwembad en veel groter. Gelukkig met een restaurant op loopafstand, want koken staat vanavond niet hoog meer op mijn verlanglijstje.
Terwijl de avond langzaam afkoelt, denk ik terug aan de dag. Aan Treviso in de ochtendzon, de villa’s langs de route, het water dat steeds nadrukkelijker aanwezig werd en Padova, waar ik eigenlijk nog wat langer had willen blijven.
Morgen wacht Verona. Vandaag bracht me dichter bij Venetië. Morgen lonkt opnieuw een stad met een groot verhaal.

Relive
Ben jij al geabonneerd op onze nieuwsbrief?


Geef een reactie